Naar een duurzame energievoorziening
Energie is onmisbaar voor onze economische en sociale ontwikkeling. De vraag naar energie neemt toe. Een betrouwbare energievoorziening is dan ook van cruciaal belang voor de samenleving. De energiesector is verantwoordelijk voor het beschikbaar stellen en houden van voldoende energie. Tegelijkertijd is het gebruik van fossiele brandstoffen (olie, gas en kolen) de belangrijkste veroorzaker van het broeikaseffect. Bovendien zijn de voorraden fossiele brandstoffen eindig. Op dit moment wordt meer dan 95% van alle energie in Nederland opgewekt met fossiele brandstoffen. Om het broeikaseffect tegen te gaan, is het noodzakelijk dat het aandeel van fossiele brandstoffen in de energievoorziening afneemt.
GDF SUEZ Energie Nederland is ervan overtuigd dat de sector de vraag naar energie alleen met een mix van energiebronnen duurzaam kan beantwoorden. De energiesector heeft de verantwoordelijkheid om voor alle energiebronnen nieuwe technologieën te ontwikkelen die de uitstoot van CO2 reduceren. Eén van de belangrijkste methodieken is het efficiënter opwekken van energie uit hernieuwbare én fossiele bronnen.
Het is technisch en economisch nog niet mogelijk om aan de enorme vraag naar energie te voldoen enkel en alleen uit duurzame bronnen. Dit heeft tot gevolg dat we ons vooralsnog in een overgangsfase bevinden naar een CO2-arme energievoorziening. In deze overgangsfase blijven fossiele brandstoffen nodig om aan de grote vraag naar energie te voldoen. In 2010 was 4% van het totale energieverbruik in Nederland hernieuwbaar.

Bron: CBS
Bron: ECN, Factsheet Schoon Fossiel, 2009, p. 2.
Europees kader
Het uitgangspunt voor het klimaat- en energiebeleid van de Europese Unie is dat de aarde niet meer dan 2 graden Celsius warmer mag worden. Om dit te realiseren, moeten we naar een CO2-arme economie. De Europese Unie heeft bepaald dat de lidstaten in 2050 80% minder CO2 moeten uitstoten dan in 1990. Als tussenstap moeten in 2020 de 20-20-20 doelstellingen zijn behaald: 20% minder uitstoot van broeikasgassen, 20% duurzame energie en 20% energiebesparing. De elektriciteitssector speelt hierin een cruciale rol. Zij is immers verantwoordelijk voor een kwart van de totale CO2-uitstoot. De CO2-uitstoot in de elektriciteitsector moet in 2050 met bijna 95% zijn verlaagd ten opzichte van 1990. Feitelijk stoot de sector dan geen CO2 meer uit.
Bron: A Roadmap for moving to a competitive low carbon economy in 2050, Europese Commissie, pagina 5.
Energie van vitaal belang
Tegelijkertijd moet de energiesector ervoor zorgen dat er voldoende energie beschikbaar is om te kunnen blijven voldoen aan de (toenemende) vraag. Energie is essentieel voor economische groei en welvaart. Een betrouwbare energievoorziening is daarom uiterst belangrijk; de beschikbaarheid van energie voor ondernemingen en consumenten moet gegarandeerd zijn. Hoewel we minder fossiele brandstoffen willen inzetten in ons streven naar een CO2-arme energievoorziening, blijven fossiele brandstoffen voorlopig nodig om de levering van energie te kunnen garanderen. Dat geldt des te meer omdat de vraag naar energie nog steeds groeit. De overgang naar alternatieve en hernieuwbare bronnen vergt tijd.